Zwemmen Voeding Trainingsmethoden Borstcrawl Schoolslag Omhoog

Voeding

Zwemmen behoort tot de duursporten. Deze sporten hebben als kenmerk het vermogen om een korte, intensieve of lange, rustige belasting zo goed mogelijk vol te houden. Naarmate de intensiteit van de inspanning hoger is, zullen er meer koolhydraten en minder vetten als brandstof gebruikt worden. Bij inspanningen met een lagere intensiteit zal de vetverbranding hoog zijn en de koolhydraatverbranding lager.
Hieruit blijkt wel dat voeding een belangrijke rol speelt bij de energievoorziening in het lichaam en dus bij sport. De belangrijkste voedingsstoffen zijn koolhydraten, vetten en eiwitten.

Koolhydraten

Koolhydraten zijn voor de duursporter de belangrijkste bron van energie. De koolhydraatverbranding verloopt namelijk effectiever dan de vetverbranding doordat er minder zuurstof nodig is voor de verbranding van koolhydraten.
Koolhydraten worden in het lichaam opgeslagen als glycogeen. Door het gebruik van een koolhydraatrijke voeding kan het moment dat de glycogeenvoorraden leeg raken en het lichaam moet overschakelen op de vetverbranding, worden uitgesteld. Dit moment kent elke zwemmer wel; het staat wel bekend als 'het dode punt' of 'de man met de hamer tegen komen'.
Duursporters wordt dan ook aangeraden om een voeding te gebruiken met zo'n 60% - 70% energie verkregen uit koolhydraten. Om deze hoeveelheid binnen te krijgen zul je veel koolhydraatrijke producten moeten eten. De volgende voedingsmiddelen bevatten veel koolhydraten: Brood (ook krentenbollen, ontbijtkoek, crackers, enz.), aardappelen, pasta, rijst, peulvruchten (bruine/ witte bonen, kapucijners, enz.) en fruit (vooral bananen).

Vetten

Vetten zijn de belangrijkste vorm van brandstof in rust en bij lichte inspanningen. Het lichaam gaat vet verbranden wanneer de glycogeenvoorraden leeg zijn. De vetreserves in het lichaam zijn echter bijna onbeperkt. De vetvoorraden in het lichaam hoeven dus niet met de voeding aangevuld te worden.
Toch heeft ieder mens vet nodig omdat er essentiële vetzuren en vetoplosbare vitamines, zoals vitamine A en D, in zitten. Aan te raden is om niet meer dan 20% van de energie uit vet te halen. Je zult dus moeten proberen om de hoeveelheid vet in je voeding te beperken. Dit kun je doen door gebruik te maken van (dieet) halvarine, magere of halfvolle melkproducten en magere vleessoorten en door het gebruik van erg vette producten als snacks en sauzen te beperken.

Eiwitten

Eiwitten spelen een belangrijke rol bij de opbouw en het herstel van spierweefsel. Eiwitten worden normaal gesproken niet als brandstof gebruikt. Bij een tekort aan koolhydraten worden eiwitten wel als brandstof gebruikt. Dat gaat dan ook ten koste van het spierweefsel.
Omdat bij sporters soms toch eiwitten worden afgebroken als energiebron, is de behoefte aan eiwitten bij sporters iets verhoogd ten opzichte van niet-sporters. Toch hoef je geen speciale maatregelen te nemen om voldoende eiwitten binnen te krijgen. De gemiddelde Nederlandse voeding bevat namelijk van zichzelf al meer eiwit dan aanbevolen is. Bovendien bevatten voedingsmiddelen die rijk zijn aan koolhydraten, zoals brood, meestal ook veel eiwitten.

Daarnaast is het belangrijk om voldoende drinkvocht binnen te krijgen. Drink daarom voldoende. Tijdens het zwemmen verlies je veel vocht, ook al heb je dat niet in de gaten. Zorg daarom dat je voldoende drinkt, voor en na de training of wedstrijd. Als een wedstrijd langer dan een uur duurt, zorg dan dat je ook tussendoor drinkt. Een tekort aan vocht kan namelijk vervelende gevolgen hebben. Een vochtverlies van 2% zorgt al voor prestatieverlies, bovendien kan het maagdarmproblemen veroorzaken.

Tot slot kun je het best voorzichtig zijn met maaltijden vlak voor een training of wedstrijd, de volgende tips kunnen buikklachten voorkomen: